De Noorderborch

Verzekering

Ongevallenvoorziening

Het bestuur van de Stichting Quo Vadis heeft een schoolongevallenverzekering afgesloten voor de leerlingen, de medewerkers en de vrijwilligers van haar scholen. De verzekering is uitsluitend van toepassing op ongevallen die de leerlingen, medewerkers en vrijwilligers overkomen tijdens de schooluren, activiteiten in schoolverband, uitstapjes en excursies en tijdens het rechtstreeks komen naar de school en het weggaan van de school of de plaats waar de activiteiten, respectievelijk de werkzaamheden plaatsvinden.

De verzekerde bedragen betreffen (beperkte) uitkeringen inzake:

  • overlijden als gevolg van een ongeval;
  • algehele blijvende invaliditeit als gevolg van het ongeval;
  • geneeskundige kosten na een ongeval (excl. de no-claim korting en het eigen risico korting) en
  • tandheelkundige kosten na een ongeval (excl. de no-claim korting en het eigen risico korting).
  • De geneeskundige en tandheelkundige kosten moeten in eerste instantie altijd worden ingediend bij de ziektekostenverzekeraar van de betrokken leerlingen of die van de ouders/verzorgers c.q. de ziektekostenverzekeraar van de betrokken medewerkers. Indien geen of geen gehele vergoeding plaatsvindt, kan een beroep worden gedaan op de schoolverzekering die in deze zin dus altijd aanvullend is op de eigen verzekering.

Schade toegebracht aan derden (Wettelijke aansprakelijkheid)

Het bestuur en/of zijn medewerkers en/of de vrijwilligers en/of zijn leerlingen kunnen aansprakelijk worden gesteld voor schade aan anderen toegebracht.

Het bestuur heeft de medewerkers, de vrijwilligers, de leerlingen van zijn scholen en zichzelf tegen dit risico verzekerd door middel van een zgn. wettelijke aansprakelijkheidsverzekering.

Dit alles betekent overigens niet dat alle geleden schade wordt vergoed en dat in alle gevallen (zonder meer) aansprakelijkheid wordt erkend. Deze opvatting leeft wel bij veel mensen, maar is gebaseerd op een misverstand. Elk geval wordt apart beoordeeld.

Ten eerste voor erkenning van aansprakelijkheid moet vaststaan dat een leerkracht, een vrijwilliger of andere medewerker nalatigheid (artikel 6:162 BW en artikel 6:163 BW) kan worden verweten. Er moet dus sprake zijn van een verwijtbare fout. Bij schade toegebracht door een leerling moet vaststaan dat een leerkracht, een vrijwilliger of andere medewerker nalatig is geweest, omdat zij onvoldoende toezicht hebben gehouden. Degene die het bestuur en/of zijn medewerker(s) c.q. vrijwilligers aansprakelijk stelt, moet aantonen dat er sprake is geweest van onvoldoende toezicht en dus van nalatigheid.

Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor schade door onrechtmatig gedrag van leerlingen. Voor leerlingen jonger dan 14 jaar zijn hun ouders c.q. verzorgers primair zélf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens schooluren of tijdens schoolactiviteiten door onrechtmatig handelen schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de ouders) verantwoordelijk voor. Het is dus van belang dat ouders c.q. verzorgers zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering afsluiten.

Verlies, diefstal en vernieling

Het bestuur heeft géén verzekering voor leerlingen, medewerkers en/of vrijwilligers tegen verlies, diefstal of vernieling van eigen spullen zoals brillen, kledingstukken en fietsen.

Gebruik privé motorvoertuigen voor schoolactiviteiten

Het bestuur heeft géén verzekering voor schade aan privé motorvoertuigen of voor schade die veroorzaakt is door het gebruik van privé motorvoertuigen, die het gevolg zijn van activiteiten in schoolverband. Evenmin kent het bestuur een verzekering tegen letselschade van inzittenden bij het gebruik van privé motorvoertuigen bij schoolactiviteiten. Het beschikbaar stellen van privé motorvoertuigen voor schoolactiviteiten geschiedt dus altijd op eigen risico.